TN, IPS, VA: over monitor panels en lcd-technologie

58 reacties
3 besproken producten
Inhoudsopgave
  1. 1. Inleiding
  2. 2. Bewegingen in vloeistof
  3. 3. Voor- en nadelen van IPS, VA en TN
  4. 4. Helderheid en contrast
  5. 5. Kijkhoeken
  6. 6. Kleurweergave
  7. 7. Reactietijden
  8. 8. Energieverbruik
  9. 9. Conclusie
  10. 3 besproken producten
  11. 58 reacties

Bewegingen in vloeistof

Voordat we gaan kijken naar de verschillen en overeenkomsten – en verrassende constateringen – van onze voorbeeldschermen, toch nog eerst even over die paneeltechnologie. Wat betekenen die afkortingen en die wat cryptische omschrijvingen waar ze voor staan nu echt?

Werking van een LCD panel

Om die vraag te beantwoorden, moeten we eerst heel kort in de herinnering roepen hoe een lcd-paneel werkt. Zonder te veel op de details in te gaan, kan je stellen dat een modern lcd een lichtbron is, met daarvoor een zogeheten tft matrix, een raster van zogenaamde thin film transistors. Elke transistor is verantwoordelijk voor de aansturing van één pixel. De tft matrix is ingebed tussen twee polarisatiefilters. De eerste hiervan lijnt de lichtgolven van de lichtbron uit; vloeibare kristallen bepalen vervolgens de richting van het licht richting het tweede polarisatiefilter. Dat gebeurt door deze kristallen een bepaalde vorm of structuur te laten aannemen, onder invloed van een elektrisch veld. Gebeurt er niets (de ‘uit’ stand), dan resulteert dat – afhankelijk van de gebruikte techniek – in een geheel wit, of juist een geheel zwart scherm.

LCD-verschillen: TN, IPS, VA

Het cruciale verschil tussen de diverse paneeltechnieken zit in de manier waarop de kristallen standaard georiënteerd zijn in de vloeistof, en hoe ze zich gedragen, lees: bewegen, wanneer er een stroompje gaat lopen. Daarmee samenhangend verschilt ook de polarisatierichting van de filters aan weerszijden van de tft matrix.

Zo staat tn oftewel twisted nematic voor de vorm waarin de kristallen in een transistor van dit type zich organiseren in ‘uit’ toestand: die ziet eruit als een verdraaid oppervlak, ook wel bekend als een helix. Licht wordt zo in een hoek van 90 graden geleid en daarmee door het tweede polarisatiefilter gestuurd. Wanneer de kristallen onder invloed van een elektrisch veld komen te staan, verandert de structuur en richten de moleculen zich naar dat veld. Omdat de elektroden hiervoor aan weerszijden van de vloeistof zitten, richten de moleculen zich haaks op die zijkanten. Het gepolariseerde licht wordt dan geblokkeerd door het tweede filter, dat er bij deze vorm haaks op staat.

Bij ips oftewel in-plane switching is de toestand van de kristallen in de uit-stand vrijwel hetzelfde als bij tn: in een helix gedraaid tussen de twee glasplaten aan weerszijden van de vloeistof. Echter, in dit geval zitten de elektroden allebei  op dezelfde glasplaat, aan een van de twee kanten van de vloeistof dus. Hierdoor oriënteren de kristalmoleculen zich anders, wanneer er een stroom gaat lopen. Niet haaks op de zijkanten van de cel, maar er parallel aan. Ze bewegen zich langs dezelfde as, of in goed Engels: in the same plane. Inmiddels zijn er ook ips-varianten waarbij de kristallen niet in een helix gestructureerd zijn, maar over varianten verderop meer.

Bij va oftewel vertical alignment ten slotte is de basistoestand van de pixels juist verticaal geordend ten opzichte van de twee lagen waartussen ze zich bevinden. Pas wanneer een stroom gaat lopen, buigen ze opzij en laten ze licht door.

 

Het verschil tussen TN en VA-techniek: bij TN is de standaardtoestand van de transistors ‘aan’ en laten de kristallen dus licht door. Bij VA is het net omgekeerd, en laten de vloeibare kristallen pas licht door wanneer er een stroom gaat lopen. (Bron)

 

Het verschil tussen TN en IPS-techniek: bij TN zitten de elektroden aan beide zijden van de vloeistof en zijn de cellen zo gestructureerd dat ze licht doorlaten (geleiden) wanneer er geen stroom loopt. Wanneer er een stroom gaat lopen veranderen ze naar een verticale oriëntatie en wordt het licht geblokkeerd. Bij IPS zitten de elektroden aan dezelfde kant en bewegen de kristalmoleculen parallel aan het oppervlak van het paneel. (Bron)

Van links naar rechts: TN, VA en IPS transistors in close-up. Omdat deze foto’s gemaakt zijn bij een wit scherm, is het verschil tussen TN en IPS lastig zichtbaar. Bij een wit beeld is TN immers ‘uit’ en zijn de kristallen min of meer parallel aan het schermoppervlak gedraaid, net zoals bij IPS altijd het geval is. Bij VA is juist zichtbaar dat de kristallen in clusters gegroepeerd zijn.

De zachte kant: welk panel-type oogt scherper?

Een lastig te definiëren verschil tussen de diverse paneeltechnologieën betreft de waargenomen scherpte. Feitelijk is het ene tft-scherm zo scherp als het andere: elke pixel heeft zijn eigen aansturing, er is geen sprake van vervaging of verschil in helderheid tussen afzonderlijke pixels. Toch ‘oogt’ een tn-paneel voor velen scherper, wat wellicht te maken heeft met de manier waarop de pixels gepositioneerd zijn en hoe ze licht doorlaten in andere richtingen dan de kijker. Wie overstapt naar ips moet soms wennen aan een wat ‘zachter’ beeld, terwijl va enigszins het midden houdt tussen de twee. Doorgaans ben je in een mum van tijd gewend, maar er zijn mensen die om deze reden tn prefereren – of toch juist de voorkeur geven aan ips. 


3 besproken producten

Vergelijk alle producten

Vergelijk   Product Prijs
Iiyama ProLite B2483HS-B3

Iiyama ProLite B2483HS-B3

  • 24 inch
  • 1920x1080
  • 92 ppi
  • TN
  • 75 Hz
  • HDMI
  • DisplayPort
  • 1 ms
  • 250 cd/m²
  • 1000 : 1

159,90 €

2 winkels
Iiyama ProLite XB2483HSU-B3

Iiyama ProLite XB2483HSU-B3

  • 23.8 inch
  • 1920x1080
  • 93 ppi
  • VA / MVA / PVA
  • 75 Hz
  • HDMI
  • DisplayPort
  • 4 ms
  • 250 cd/m²
  • 3000 : 1

149,00 €

7 winkels
Excellent Iiyama ProLite XUB2492HSU-B1

Iiyama ProLite XUB2492HSU-B1

  • 23.8 inch
  • 1920x1080
  • 93 ppi
  • IPS / PLS / AHVA
  • 60 Hz
  • HDMI
  • DisplayPort
  • 5 ms
  • 250 cd/m²
  • 1000 : 1

149,00 €

9 winkels
0
*