IBM onderzoekt opslaan bits in atoomkernen door magnetisme aan te passen

14 reacties

IBM voert vroeg onderzoek uit om data op te slaan in atoomkernen van koper. Het ontwikkelde een manier om atomen per stuk aan te passen, te verplaatsen en uit te lezen. Door vervolgens het magnetisme van de atoomkern aan te passen kan er data in opgeslagen worden. Het gaat om dermate vroeg onderzoek dat het nog niet toepasbaar is in de praktijk en nog zeker niet gebruikt wordt voor producten.

Het artikel over dit onderwerp werd gepubliceerd in wetenschapspublicatie Nature en beschrijft technieken om mogelijk data op te slaan in atoomkernen. Er wordt gebruik gemaakt van nuclear magnetic resonance. Dit is een gecompliceerd fenomeen waarbij een atoomkern radiofrequente straling uitzendt als het wordt blootgesteld aan een sterk magnetisch veld, zoals bijvoorbeeld ook toegepast wordt in een mri-scanner in het ziekenhuis.

IBM past delen van deze techniek toe op een enkel atoom. Door slechts één kern te bestralen met radiogolven, verandert het magnetisme van de kern en kan er informatie in opgeslagen worden. Een andere ontwikkeling die de techniek bruikbaarder maakt, is dat IBM een scanning tunneling-microscoop gebruikt om atomen in bepaalde vormen aan elkaar te maken, om zo de eigenschappen aan te passen en te onderzoeken. Bijvoorbeeld of dit op grotere schaal toepasbaar is.

Doordat het onderzoek in een extreem vroege fase is, kan er weinig zinnigs gezegd worden over de toepassing. Wel geeft het misschien een inkijkje in wat er in de toekomst mogelijk kan zijn. Zo zijn er voor een enkele bit data nu honderdduizend atomen nodig, en kan het met de nieuwe techniek in slechts één. Wat het potentieel is voor opslagproducten moge duidelijk zijn.


De naald van een stm-microscoop (rechts) past het
magnetisme van een atoomkern koper (links) aan.

Bronnen: Nature, EETimes

« Vorig bericht Volgend bericht »
0
*